Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
drehen
[past form: drehte]
01
draaien, roteren
Sich um die eigene Achse bewegen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
drehe
3e persoon enkelvoud
dreht
onvoltooid deelwoord
drehend
onvoltooid verleden tijd
drehte
voltooid deelwoord
gedreht
Voorbeelden
Der Lüfter dreht sich zu schnell.
De ventilator draait te snel.
02
draaien om, een centraal thema hebben
Ein zentrales Thema haben
Voorbeelden
Die Diskussion dreht sich um Klimawandel.
De discussie draait om klimaatverandering.
03
draaien, omdraaien
Etwas in eine Richtung bewegen oder rotieren lassen
Voorbeelden
Er drehte das Steuer nach links.
Hij draaide het stuur naar links.
04
filmen
Eine filmische Aufnahme machen
Voorbeelden
Wir haben den Werbespot in Berlin gedreht.
We hebben de commercial in Berlijn gedraaid.



























