beschrÀnken
besch
ˈbəʃ
bēsh
rÀn
ʁɛn
ren
ken
kən
kēn
beschenken

Definitie en betekenis van "beschrÀnken"in het Duits

beschrÀnken
01

beperken, begrenzen

Etwas auf eine bestimmte Grenze oder Anzahl reduzieren 
beschrÀnken definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
schrÀnken
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beschrÀnke
3e persoon enkelvoud
beschrÀnkt
onvoltooid deelwoord
beschrÀnkend
onvoltooid verleden tijd
beschrÀnkte
voltooid deelwoord
beschrÀnkt
Voorbeelden
Die Stadt beschrÀnkt den Verkehr in der Innenstadt. 

De stad beperkt het verkeer in het stadscentrum.

02

zich beperken

Sich auf etwas Bestimmtes begrenzen oder mit weniger zufrieden sein 
beschrÀnken definition and meaning
Voorbeelden
Ich beschrĂ€nke mich auf zwei StĂŒck Kuchen. 

Ik beperk me tot twee stukjes taart.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store