beschrÀnken
Pronunciation
/ˈbÉ™ËŒÊƒÊ€É›Ć‹kən/

Definitie en betekenis van "beschrÀnken"in het Duits

beschrÀnken
01

beperken, begrenzen

Etwas auf eine bestimmte Grenze oder Anzahl reduzieren
beschrÀnken definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
schrÀnken
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beschrÀnke
3e persoon enkelvoud
beschrÀnkt
onvoltooid deelwoord
beschrÀnkend
onvoltooid verleden tijd
beschrÀnkte
voltooid deelwoord
beschrÀnkt
Voorbeelden
Die Geschwindigkeit ist auf 50 km / h beschrÀnkt.
De snelheid is beperkt tot 50 km/u.
02

zich beperken

Sich auf etwas Bestimmtes begrenzen oder mit weniger zufrieden sein
beschrÀnken definition and meaning
Voorbeelden
Wir sollten uns auf das Nötigste beschrÀnken.
We moeten ons beperken tot het noodzakelijke.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store