ausruhen
ausruhen
aʊ̯sʀu:ən
awsrooēn
ausgehenausrufenausredenaussehen

Definitie en betekenis van "ausruhen"in het Duits

ausruhen
01

eine Pause machen und neue Kraft bekommen 

ausruhen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
regelmatig
scheidbaar
partikel
aus
basiswerkwoord
ruhen
hulpwerkwoord
haben
onvoltooid verleden tijd
ruhte aus
voltooid deelwoord
ausgeruht
Voorbeelden
Ich ruhe mich nach der Arbeit aus. 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store