ausführen
aus
aʊs
aws
füh
fy:
fy
ren
rən
rēn
ausfüllenaufführen

Definitie en betekenis van "ausführen"in het Duits

ausführen
01

uitvoeren, verwezenlijken

Etwas praktisch umsetzen oder durchführen 
ausführen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
aus
basiswerkwoord
führen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
führe aus
3e persoon enkelvoud
führt aus
onvoltooid deelwoord
ausführend
onvoltooid verleden tijd
führte aus
voltooid deelwoord
ausgeführt
Voorbeelden
Wir werden den Plan nächste Woche ausführen. 

We zullen het plan volgende week uitvoeren.

02

gedetailleerd uiteenzetten, ontwikkelen

Etwas ausführlich darlegen, erklären oder detailliert beschreiben 
ausführen definition and meaning
Voorbeelden
Er führte seine Theorie mit Diagrammen aus. 

Hij legde zijn theorie uit met behulp van diagrammen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store