ausbilden
aus
aʊs
aws
bilden
bɪldn
bildn
ausbaden

Definitie en betekenis van "ausbilden"in het Duits

ausbilden
01

jemandem die Kenntnisse und Fähigkeiten für einen Beruf oder eine Aufgabe beibringen , -

grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
regelmatig
scheidbaar
partikel
aus
basiswerkwoord
bilden
hulpwerkwoord
haben
onvoltooid verleden tijd
bildete aus
voltooid deelwoord
ausgebildet
Voorbeelden
Die Firma bildet junge Menschen in verschiedenen Berufen aus. 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store