anwesend
Pronunciation
/ˈanˌveːzənt/

Definitie en betekenis van "anwesend"in het Duits

01

aanwezig, present

In einem bestimmten Ort oder einer Veranstaltung physisch gegenwärtig
anwesend definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
voltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
am anwesendsten
vergrotende trap
anwesender
gradueerbaar
verbuigbaar
Voorbeelden
Nur drei Mitarbeiter waren anwesend.
Slechts drie medewerkers waren aanwezig.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store