Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La toison
01
vacht, wol
poil épais, laineux ou frisé recouvrant un animal, en particulier le mouton
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
toisons
Voorbeelden
Le berger a tondu la toison des moutons au printemps.
De herder heeft in de lente de wol van de schapen geschoren.
02
dichte krullenpracht, wollige haardos
cheveux très fournis ou bouclés, comparés à la laine d'un mouton
Voorbeelden
Elle a une toison noire et bouclée.
Ze heeft een dikke vacht zwart en krullend.



























