âgé
âgé
ɑ:ʒe
aazhe

Definitie en betekenis van "âgé"in het Frans

01

oud, bejaard

qui a beaucoup d'années, souvent utilisé pour parler d'une personne âgée 
âgé definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
voltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
le plus âgé
vergrotende trap
plus âgé
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
âgé
mannelijk meervoud
âgés
vrouwelijk enkelvoud
âgée
vrouwelijk meervoud
âgées
Voorbeelden
Mon grand-père est très âgé. 

Mijn opa is erg oud.

02

een bepaalde leeftijd hebben, van een bepaalde leeftijd zijn

avoir un certain nombre d'années de vie 
âgé definition and meaning
Voorbeelden
Elle est âgée de 25 ans. 

Ze is 25 jaar oud.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store