tremblant
tremblant
tʁɑ̃blɑ̃
traablaa
troublant

Definitie en betekenis van "tremblant"in het Frans

01

trillend, bevend

qui tremble sous l'effet de la peur, de l'émotion ou du froid 
tremblant definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
onvoltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
le plus tremblant
vergrotende trap
plus tremblant
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
tremblant
mannelijk meervoud
tremblants
vrouwelijk enkelvoud
tremblante
vrouwelijk meervoud
tremblantes
Voorbeelden
L'enfant, tremblant, se cacha derrière sa mère. 

Het kind, trillend, verstopte zich achter zijn moeder.

02

trillend, wankel

qui n'est pas ferme, qui bouge facilement, mal fixé 
Voorbeelden
La chaise est tremblante, il faut la réparer. 

De stoel is wankel, hij moet gerepareerd worden.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store