Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
revoir
01
weerzien, opnieuw ontmoeten
voir ou rencontrer à nouveau quelqu'un
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
revois
1e persoon meervoud
revoyons
1e persoon toekomende tijd
reverrai
onvoltooid deelwoord
revoyant
voltooid deelwoord
revu
1e persoon meervoud imperfectum
revoyions
Voorbeelden
Nous avons revu nos anciens professeurs.
We hebben onze voormalige leraren weer ontmoet.
02
herzien, overdoen
étudier ou examiner à nouveau quelque chose
Voorbeelden
Nous avons revu le plan du projet ensemble.
We hebben het projectplan samen herzien.
Le revoir
[gender: masculine]
01
weerzien, nieuwe kijk
l'action de voir ou rencontrer quelqu'un à nouveauن
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
revoirs
Voorbeelden
Nous avons apprécié le revoir de nos anciens professeurs.
We hebben genoten van het weerzien van onze voormalige leraren.



























