raccrocher
racc
ʁak
rak
ro
ʁɔ
raw
cher
ʃe
she

Definitie en betekenis van "raccrocher"in het Frans

raccrocher
01

ophangen, de telefoon ophangen

mettre fin à une communication téléphonique en posant le combiné ou en coupant la ligne 
raccrocher definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
raccroche
1e persoon meervoud
raccrochons
1e persoon toekomende tijd
raccrocherai
onvoltooid deelwoord
raccrochant
voltooid deelwoord
raccroché
1e persoon meervoud imperfectum
raccrochions
Voorbeelden
Après la conversation, elle a raccroché rapidement. 

Na het gesprek hing ze snel op.

02

vasthouden, zich vastklampen

s'accrocher fermement à quelque chose, souvent pour obtenir de l'aide ou du soutien 
raccrocher definition and meaning
Voorbeelden
Il s'est raccroché à l'espoir malgré les difficultés. 

Hij klampte zich vast aan hoop ondanks de moeilijkheden.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store