précéder

Definitie en betekenis van "précéder"in het Frans

précéder
01

voorafgaan, vooroplopen

venir avant quelqu'un ou quelque chose dans le temps
Voorbeelden
Son succÚs a précédé celui de son frÚre.
Zijn succes ging vooraf aan dat van zijn broer.
02

voorafgaan, voorop gaan

se trouver ou marcher devant quelqu'un
Voorbeelden
Elle précédait son amie dans le couloir.
Ze liep voor haar vriendin in de gang.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store