Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
profiter
01
profiteren, gebruikmaken van
tirer avantage ou bénéfice de quelque chose
Voorbeelden
J' ai profité de l' occasion pour lui parler.
Ik heb van de gelegenheid gebruikgemaakt om met hem te praten.
Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
profiteren, gebruikmaken van