Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
pondre
01
leggen, neerleggen
produire et déposer un œuf
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
onscheidbaar
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
ponds
1e persoon meervoud
pondons
1e persoon toekomende tijd
pondrai
voltooid deelwoord
pondu
1e persoon meervoud imperfectum
pondions
Voorbeelden
Cette oie ne pond plus en hiver.
Deze gans legt in de winter geen eieren.
02
produceren, creëren
produire ou créer quelque chose rapidement, souvent sans soin
Voorbeelden
Ils ont pondu un nouveau règlement inutile.
Hebben ze in elkaar geflanst een nieuwe nutteloze regel.



























