Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
nouveau
01
nieuw, vers
qui apparaît ou qui existe depuis peu de temps
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
le plus nouveau
vergrotende trap
plus nouveau
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
nouveau
mannelijk meervoud
nouveaux
vrouwelijk enkelvoud
nouvelle
vrouwelijk meervoud
nouvelles
Voorbeelden
Nous avons un nouveau professeur cette année.
We hebben dit jaar een nieuwe leraar.
Le nouveau
[gender: masculine]
01
nieuwkomer, nieuw lid
une personne qui arrive récemment dans un groupe ou un endroit
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
nouveaux
Voorbeelden
Les nouveaux se présentent au début de chaque réunion.
De nieuwkomers stellen zich voor aan het begin van elke vergadering.



























