Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La montre
01
horloge, polshorloge
petit appareil que l'on porte au poignet pour connaître l'heure
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
montres
Voorbeelden
J'ai acheté une nouvelle montre pour mon anniversaire.
Ik heb een nieuw horloge gekocht voor mijn verjaardag.
02
vertoning, tentoonstelling
action de montrer ou de faire voir quelque chose
Voorbeelden
La montre de ses dessins a impressionné tout le monde.
De vertoning van zijn tekeningen heeft iedereen onder de indruk gebracht.



























