Le lieu
[gender: masculine]
01
plaats, locatie
endroit ou espace précis
Voorbeelden
Les touristes visitent souvent ce lieu historique.
Toeristen bezoeken vaak deze historische plaats.
Les lieux
[gender: plural]
01
plaats delict, toneel
endroit où un crime ou un incident a eu lieu
Voorbeelden
Les témoins étaient présents sur les lieux de l' accident.
De getuigen waren aanwezig op de plaats van het ongeval.



























