Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
inventer
01
uitvinden
créer quelque chose de nouveau qui n'existait pas auparavant
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
invente
1e persoon meervoud
inventons
1e persoon toekomende tijd
inventerai
voltooid deelwoord
inventé
1e persoon meervoud imperfectum
inventions
Voorbeelden
Thomas Edison a inventé l' ampoule électrique.
Thomas Edison vond de gloeilamp uit.
02
uitvinden, scheppen
créer quelque chose de nouveau ou imaginer quelque chose qui n'existe pas
Voorbeelden
Les enfants inventent des jeux dans le jardin.
De kinderen bedenken spellen in de tuin.
03
verzinnen, bedenken
créer ou imaginer quelque chose pour soi-même, souvent une identité, une histoire ou un rôle
Voorbeelden
Les enfants s' inventent des mondes imaginaires pour jouer.
Kinderen verzinnen denkbeeldige werelden voor zichzelf om te spelen.



























