Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
ensevelir
01
begraven, bedelven
mettre quelque chose ou quelqu'un sous terre, recouvrir complètement
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
ensevelis
1e persoon meervoud
ensevelissons
1e persoon toekomende tijd
ensevelirai
onvoltooid deelwoord
ensevelissant
voltooid deelwoord
enseveli
1e persoon meervoud imperfectum
ensevelissions
Voorbeelden
La neige a enseveli les maisons pendant l' avalanche.
De sneeuw begroef de huizen tijdens de lawine.
02
begraven, bedelven
mettre quelque chose sous terre ou recouvrir complètement de terre
Voorbeelden
La pluie a enseveli les traces sous la boue.
De regen begroef de sporen onder de modder.
03
begraven, verbergen
faire disparaître de la mémoire ou oublier complètement (emploi littéraire)
Voorbeelden
Les anciennes traditions ont été ensevelies par la modernité.
De oude tradities zijn door de moderniteit begraven.



























