Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
L'effondrement
01
instorting, ineenstorting
action de s'écrouler ou de tomber, souvent pour un bâtiment , un pont ou une structure
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
effondrements
Voorbeelden
L'effondrement du pont a provoqué un accident grave.
De instorting van de brug veroorzaakte een ernstig ongeval.
02
instorting, ineenstorting
chute brutale de l'état physique ou mental, par exemple syncope ou défaillance organique
Voorbeelden
Le patient a eu un effondrement soudain pendant l'examen.
De patiënt kreeg een plotselinge ineenstorting tijdens het onderzoek.



























