déménager
d
de
de
émé
me
me
na
na
na
ger
ʒe
zhe

Definitie en betekenis van "déménager"in het Frans

déménager
01

verhuizen, van woonplaats veranderen

changer de logement ou de lieu de résidence 
déménager definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
bewegingswerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
déménage
1e persoon meervoud
déménageons
1e persoon toekomende tijd
déménagerai
onvoltooid deelwoord
déménageant
voltooid deelwoord
déménagé
1e persoon meervoud imperfectum
déménagions
Voorbeelden
Nous allons déménager la semaine prochaine. 

We zullen volgende week verhuizen.

02

verhuizen

déplacer quelque chose d'un endroit à un autre 
déménager definition and meaning
Voorbeelden
Nous devons déménager les meubles du salon. 

We moeten de meubels in de woonkamer verhuizen.

03

gek worden, zijn verstand verliezen

agir de manière folle ou désordonnée, perdre le contrôle 
déménager definition and meaning
Voorbeelden
Il a commencé à déménager après la mauvaise nouvelle. 

Hij begon de controle te verliezen na het slechte nieuws.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store