Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
décliner
01
afnemen, verzwakken
s'affaiblir, diminuer progressivement
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
toestandswerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
décline
1e persoon meervoud
déclinons
1e persoon toekomende tijd
déclinerai
onvoltooid deelwoord
déclinant
voltooid deelwoord
décliné
1e persoon meervoud imperfectum
déclinions
Voorbeelden
L' empire a décliné au fil du temps.
Het rijk verviel in de loop der tijd.
02
afwijzen, weigeren
dire non à une proposition, une invitation ou une offre
Voorbeelden
Nous avons décliné poliment la proposition.
We hebben het voorstel beleefd afgewezen.
03
uitdrukken, verwoorden
présenter, annoncer ou exposer des informations, sentiments ou idées
Voorbeelden
Les scientifiques déclinent les résultats de leurs recherches.
De wetenschappers presenteren de resultaten van hun onderzoek.
04
verbuigen, veranderen
faire varier un nom, un adjectif ou un pronom selon le cas, le genre ou le nombre
Voorbeelden
Les étudiants ont appris à décliner les pronoms personnels.
De studenten leerden persoonlijke voornaamwoorden te verbuigen.



























