Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
combler
01
vullen, volledig vullen
remplir complètement un espace ou un vide
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
comble
1e persoon meervoud
comblons
1e persoon toekomende tijd
comblerai
onvoltooid deelwoord
comblant
voltooid deelwoord
comblé
1e persoon meervoud imperfectum
comblions
Voorbeelden
Les enfants comblent la pièce de jouets.
De kinderen vullen de kamer met speelgoed.
02
vervullen, bevredigen
rendre quelqu'un très satisfait ou heureux
Voorbeelden
Il cherche à combler ses enfants à chaque occasion.
Hij probeert zijn kinderen bij elke gelegenheid te vervullen.
03
bevredigen, vervullen
satisfaire pleinement un besoin, un désir ou un sentiment
Voorbeelden
Elle se sent comblée de bonheur.
Ze voelt zich vervuld van geluk.



























