Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le carnaval
[gender: masculine]
01
carnaval, verkleedfeest
grande fête où les gens se déguisent et participent à des parades
Voorbeelden
Nous avons assisté au carnaval avec ses chars colorés.
We hebben het carnaval bijgewoond met zijn kleurrijke praalwagens.



























