Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le boulot
01
werk, baan
travail ou emploi, souvent utilisé de manière familière
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
boulots
Voorbeelden
Il a trouvé un nouveau boulot en ville.
Hij heeft een nieuwe baan in de stad gevonden.



























