Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le boulot
[gender: masculine]
01
werk, baan
travail ou emploi, souvent utilisé de manière familière
Voorbeelden
Nous devons finir ce boulot avant demain.
We moeten dit werk voor morgen afmaken.
Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
werk, baan