Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La boule
01
bal, bol
objet sphérique utilisé pour jouer, lancer ou rouler
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
boules
Voorbeelden
Les enfants jouent avec une boule dans le parc.
De kinderen spelen met een bal in het park.
02
bal, bol
objet ou forme sphérique , souvent arrondi ou globuleux
Voorbeelden
Il a ramassé une boule de pâte pour faire du pain
Hij pakte een bal deeg om brood te maken.
03
knobbel, bult
petite masse ronde ou gonflée pouvant apparaître sur le corps ou être un objet sphérique
Voorbeelden
Elle a senti une boule étrange sous sa peau.
Ze voelde een vreemde bult onder haar huid.



























