Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
L'arabe
01
Arabisch, Arabische taal
langue sémitique parlée dans de nombreux pays du Moyen-Orient et d'Afrique du Nord
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
Voorbeelden
Il apprend l'arabe à l'université.
Hij leert Arabisch aan de universiteit.
02
Arabier, Arabisch persoon
personne qui appartient à un peuple arabe ou qui est originaire d'un pays arabe
Voorbeelden
L'Arabe est né en Égypte.
De Arabier werd geboren in Egypte.
01
Arabisch, Arabisch
qui se rapporte aux personnes originaires des pays arabes ou à leur identité
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
eigennaam
relationeel
niet gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
arabe
mannelijk meervoud
arabes
vrouwelijk enkelvoud
arabe
vrouwelijk meervoud
arabes
Voorbeelden
Les artistes arabes exposent leurs œuvres dans ce musée.
De Arabische kunstenaars stellen hun werken tentoon in dit museum.



























