Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
adhérer
01
toetreden, lid worden
s'inscrire volontairement pour faire partie officiellement d'un groupe ou d'une structure
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
adhère
1e persoon meervoud
adhérons
1e persoon toekomende tijd
adhérerai
onvoltooid deelwoord
adhérant
voltooid deelwoord
adhéré
1e persoon meervoud imperfectum
adhérions
Voorbeelden
Elle a adhéré au syndicat de son entreprise.
Ze werd lid van de vakbond van haar bedrijf.
02
instemmen, steunen
partager, accepter ou soutenir une opinion, une proposition ou une idée
Voorbeelden
Nous adhérons à ce projet de réforme.
We ondersteunen dit hervormingsproject.



























