Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
cachear
01
fouilleren
palpar o revisar el cuerpo de una persona, especialmente por la policía, para buscar armas u objetos ocultos
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
cacheo
3e persoon enkelvoud
cachea
onvoltooid deelwoord
cacheando
onvoltooid verleden tijd
cacheó
voltooid deelwoord
cacheado
Voorbeelden
El sospechoso fue cacheado y se le encontró un arma blanca.
De verdachte werd gefouilleerd en er werd een steekwapen bij hem gevonden.



























