Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
intoxicar
01
vergiftigen, intoxiceren
causar daño al organismo por la introducción de sustancias tóxicas
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
intoxico
3e persoon enkelvoud
intoxica
onvoltooid deelwoord
intoxicando
onvoltooid verleden tijd
intoxicó
voltooid deelwoord
intoxicado
Voorbeelden
Se intoxicó accidentalmente con productos químicos.
Hij raakte per ongeluk vergiftigd door chemicaliën.
02
vergiftigd worden
sufrir los efectos de una sustancia tóxica o dañina en el organismo
Voorbeelden
Se intoxicaron con el gas del calentador.
Ze werden vergiftigd door het gas van de verwarming.



























