estremecer
est
est
est
re
ɾe
re
me
me
me
cer
ˈθeɾ
ther
enloquecerestableceraborrecercanciller

Definitie en betekenis van "estremecer"in het Spaans

estremecer
01

doen trillen, schudden

hacer temblar algo o a alguien por frío, miedo, emoción o fuerza 
estremecer definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
estremezco
3e persoon enkelvoud
estremece
onvoltooid deelwoord
estremeciendo
onvoltooid verleden tijd
estremeció
voltooid deelwoord
estremecido
Voorbeelden
El viento estremeció los árboles. 

De wind deed de bomen beven.

02

schrikken, rillen

hacer un movimiento involuntario por miedo sorpresa dolor o disgusto 
Voorbeelden
Se estremeció al escuchar el grito. 

Hij schrok toen hij de schreeuw hoorde.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store