Zoeken
domar
01
temmen, africhten
acostumbrar o entrenar a un animal para que obedezca
Voorbeelden
Es difícil domar a un caballo rebelde.
Het is moeilijk om een opstandig paard te temmen.
02
temmen, beheersen
ejercer control o dominar algo difícil de manejar
Voorbeelden
Domó su ansiedad con técnicas de respiración.
Hij temde zijn angst met ademhalingstechnieken.



























