Zoeken
desolado
01
wanhopig
que está profundamente triste o afligido
Voorbeelden
El niño estaba desolado al romperse su juguete favorito.
Het kind was bedroefd toen zijn favoriete speeltje kapot ging.
02
verlaten, verwoest
que está vacío, destruido o abandonado
Voorbeelden
La playa estaba desolada fuera de temporada.
Het strand was verlaten buiten het seizoen.



























