Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
01
boos, woedend
enojado o furioso
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
el más bravo
vergrotende trap
más bravo
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
bravo
mannelijk meervoud
bravos
vrouwelijk enkelvoud
brava
vrouwelijk meervoud
bravas
Voorbeelden
Mi hermano se puso bravo cuando rompí su juguete.
Mijn broer werd bravo toen ik zijn speelgoed brak.
02
prikkelbaar, lichtgeraakt
de mal genio o temperamentoso
Voorbeelden
No hables con él, está bravo hoy.
Praat niet met hem, hij is vandaag bravo.
03
moedig, dapper
valiente y dispuesto a afrontar peligros o desafíos
Voorbeelden
Los soldados fueron bravos en la batalla.
De soldaten waren dapper in de strijd.
bravo
01
Bravo!, Uitstekend!
expresión para mostrar admiración o aprobación
Voorbeelden
¡ Bravo por tu actuación en la obra!
Bravo voor je optreden in het toneelstuk !



























