Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
El ataque
01
aanval, offensief
la acción de avanzar hacia la portería o meta del oponente con la intención de anotar
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
ataques
Voorbeelden
El equipo mejoró mucho su ataque con el nuevo delantero.
Het team heeft zijn aanval sterk verbeterd met de nieuwe spits.
02
aanval
la aparición súbita y violenta de los síntomas de una enfermedad
Voorbeelden
Sufrió un ataque al corazón mientras hacía ejercicio.
Hij kreeg een hartaanval tijdens het sporten.
03
aanval
un acto violento para herir, derrotar o destruir a alguien o algo
Voorbeelden
La policía investiga un ataque a una pareja mayor en su casa.
De politie onderzoekt een aanval op een oudere echtpaar in hun huis.



























