Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
interpretar
01
interpreteren
explicar o dar significado a algo, como un texto, un sueño o un mensaje
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
interpreto
3e persoon enkelvoud
interpreta
onvoltooid deelwoord
interpretando
onvoltooid verleden tijd
interpreté
voltooid deelwoord
interpretado
Voorbeelden
Él interpretó las señales del jefe como una advertencia.
Hij interpreteerde de signalen van de baas als een waarschuwing.
02
vertolken
representar o desempeñar un papel artístico, como un personaje en una obra
Voorbeelden
Su sueño es interpretar a Hamlet en el escenario algún día.
Zijn droom is om op een dag Hamlet op het podium te spelen.



























