Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
firmar
[past form: firmé][present form: firmo]
01
ondertekenen
escribir el nombre para dar validez a un documento
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
firmo
3e persoon enkelvoud
firma
onvoltooid deelwoord
firmando
onvoltooid verleden tijd
firmé
voltooid deelwoord
firmado
Voorbeelden
El cliente firmó el acuerdo sin problemas.
De klant heeft de overeenkomst zonder problemen getekend.



























