Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La agenda
01
agenda, planner
libro o cuaderno donde se escribe el plan o las actividades diarias
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
agendas
Voorbeelden
Escribí la reunión en mi agenda.
02
agenda
lista de temas o puntos que se van a tratar en una reunión o actividad
Voorbeelden
La agenda de la reunión incluye tres puntos principales.
De agenda van de vergadering omvat drie hoofdpunten.



























