Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
gustar
01
houden van, leuk vinden
tener interés o placer por algo o alguien
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
gusto
3e persoon enkelvoud
gusta
onvoltooid deelwoord
gustando
onvoltooid verleden tijd
gusté
voltooid deelwoord
gustado
Voorbeelden
Nos gustan las películas de aventura.
We houden van avonturenfilms.
02
bevallen
causar atracción o interés hacia alguien
Voorbeelden
Me gustas desde la primera vez que te vi.
Je bevalt me sinds de eerste keer dat ik je zag.



























