Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La temporada baja
01
laagseizoen, dode seizoen
periodo del año en el que hay menos turistas y los precios son más bajos
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
ontelbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
temporadas bajas
Voorbeelden
En la temporada baja, los hoteles son más baratos.
In het laagseizoen zijn hotels goedkoper.



























