el ejercicio
e
e
e
jer
xeɾ
kher
cic
ˈθiθ
thith
io
jo
yo
perjuicioprejuiciobeneficioservicio

Definitie en betekenis van "ejercicio"in het Spaans

01

oefening, lichamelijke activiteit

actividad física que se hace para mantener o mejorar la salud o la forma del cuerpo 
el ejercicio definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
ejercicios
Voorbeelden
El ejercicio físico fortalece el cuerpo. 

De oefening versterkt het lichaam.

02

examen

prueba escrita u oral para evaluar conocimientos o habilidades 
el ejercicio definition and meaning
Voorbeelden
El ejercicio de hoy será calificado. 

De oefening van vandaag zal worden beoordeeld.

03

oefening, opdracht

actividad escrita u oral que se hace para practicar o comprobar lo aprendido 
Voorbeelden
El profesor nos dejó cinco ejercicios de matemáticas. 

De leraar heeft ons vijf wiskunde-oefeningen gegeven.

04

boekjaar, begrotingsjaar

período de doce meses durante el cual se organizan y registran las actividades económicas y financieras de una empresa o institución 
Voorbeelden
El ejercicio fiscal termina en diciembre. 

Het boekjaar eindigt in december.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store