casar
Pronunciation
/kasˈaɾse/

Definitie en betekenis van "casar"in het Spaans

casar
[past form: me casé][present form: me caso]
01

trouwen, in het huwelijk treden

unir formalmente en matrimonio a dos personas
casar definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
caso
3e persoon enkelvoud
casa
onvoltooid deelwoord
casando
onvoltooid verleden tijd
me casé
voltooid deelwoord
casado
Voorbeelden
Mis padres se casaron hace 30 años.
Mijn ouders zijn 30 jaar geleden getrouwd.
02

passen, harmoniëren

combinar o concordar bien con otra cosa
casar definition and meaning
Voorbeelden
Los tonos de las cortinas casan con el sofá.
De kleuren van de gordijnen passen bij de bank.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store