Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
construir
01
bouwen
hacer una estructura, edificio u objeto uniendo materiales
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
1e persoon enkelvoud
construyo
3e persoon enkelvoud
construye
onvoltooid deelwoord
construyendo
onvoltooid verleden tijd
construí
voltooid deelwoord
construido
Voorbeelden
El castillo fue construido hace siglos.
Het kasteel werd eeuwen geleden gebouwd.



























