Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
encantar
[past form: encanté][present form: encanto]
01
dol zijn op
gustar muchísimo algo o alguien
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
encanto
3e persoon enkelvoud
encanta
onvoltooid deelwoord
encantando
onvoltooid verleden tijd
encanté
voltooid deelwoord
encantado
Voorbeelden
¿ Te encanta leer novelas?
Houd je van het lezen van romans ?
02
betoveren, boeien
causar una gran admiración o atracción
Voorbeelden
Ese actor me encanta, tiene mucho carisma.
Die acteur betovert mij, hij heeft veel charisma.



























