Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La tarea
01
huiswerk, thuiswerk
trabajo o actividad que se debe hacer fuera de la escuela o trabajo
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
ontelbaar
geslacht
vrouwelijk
Voorbeelden
No entiendo bien la tarea de matemáticas.
Ik begrijp de huiswerkopdracht voor wiskunde niet goed.
02
taak, werk
trabajo o actividad específica que se debe realizar
Voorbeelden
Terminé la tarea antes de la reunión.
Ik heb de taak voor de vergadering afgerond.



























