Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
El filete
01
biefstuk
un corte de carne, especialmente de res, para asar o freír
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
filetes
Voorbeelden
Pidió un filete bien cocido en el restaurante.
Hij bestelde een goed doorbakken biefstuk in het restaurant.
02
filet, smalle lijst
una moldura delgada y estrecha, a menudo de sección rectangular
Voorbeelden
Un filete separaba las dos molduras principales del friso.
Een filet scheidde de twee hoofdprofielen van het fries.



























