Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
El brazo
01
arm
parte del cuerpo entre el hombro y la mano
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
brazos
Voorbeelden
El doctor examinó su brazo.
De dokter onderzocht zijn arm.
02
voorpoot, voorste ledemaat
extremidad anterior de un animal que sirve para moverse o sostenerse
Voorbeelden
El perro cojeaba de un brazo.
De hond mankte op een voorpoot.



























