Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
El ojo
01
oog
organo del cuerpo que permite ver
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
ojos
Voorbeelden
Tengo algo en el ojo.
Ik heb iets in mijn oog.
02
oog
capacidad de percibir y entender situaciones
Voorbeelden
Tiene un ojo muy atento para los detalles.
Hij heeft een zeer oplettend oog voor details.
03
naaldoog
abertura por donde se pasa el hilo en una aguja
Voorbeelden
El hilo pasó por el ojo de la aguja.



























