afecciónaguja de punto
van 13
afecciónaguja de punto
afección[n]

aandoening,ziekte

afectar[v]

beïnvloeden,beïnvloeden

afectividad[n]

affectiviteit,gevoelsmatigheid

afecto[n]

genegenheid, liefde

afectuoso[adj]

aanhankelijk,liefdevol

afeitado[adj][n]

geschoren,gladgeschoren • scheren,ontharing

afeitar[v]

scheren

afición[n]

hobby, vrijetijdsbesteding

aficionado[n][adj]

fan

afidávit[n]

affidavit,schriftelijke beëdigde verklaring

afiliación[n]

lidmaatschap,aansluiting

afiliar[v]

aansluiten,registreren

afinador[n]

stemapparaat,stemvork

afinar[v]

slijpen

afirmación[n]

bewering,verklaring

afirmar[v]

beweren,verzekeren

afligido[adj]

bedroefd

afligir[v]

bedroeven,verdrieten

aforador de combustible[n]

brandstofmeter,brandstofindicator

áfrica[n]

Afrika

afroamericano[adj][n]

Afro-Amerikaans

afrontar[v]

onder ogen zien,tegemoet treden

afrutado[adj]

fruitig,fruitig

afueras[n]

voorsteden,buitenwijken

agachar[v]

zich bukken,hurken

agarrador[n]

ovenwant,pannenlap

agarrar[v]

grijpen,vastpakken

ágata[n]

agaat,agaatsteen

agencia de colocación[n]

uitzendbureau

agencia de noticias[n]

nieuwsagentschap,persagentschap

agencia de prensa[n]

nieuwsagentschap,persbureau

agencia de publicidad[n]

reclamebureau,advertentiebureau

agencia de viajes[n]

reisbureau,reisagentschap

agencia inmobiliaria[n]

makelaarskantoor,vastgoedbureau

agencia tributaria[n]

belastingdienst,fiscale instantie

agenda[n]

agenda,planner

agenda electrónica[n]

elektronische organizer,elektronische agenda

agente[n]

agent,vertegenwoordiger

agente de aduanas[n]

douaneagent,douanebeambte

agente de bolsa[n]

effectenmakelaar,beursagent

agente de policía[n]

politieagent,politiebeambte

agente de viajes[n]

reisagent,reisadviseur

agil[adj]

behendig,lenig

agitación[n]

opwinding

agitado[adj]

opgewonden,zenuwachtig

agitar[v]

schudden

agitprop[n]

agitprop

aglomerado[n]

spaanplaat,deeltjesplaat

aglutinar[v]

agglutineren,verenigen

agnóstico[adj][n]

agnostisch • agnost

agobiado[adj]

overweldigd,belast

agobiante[adj]

overweldigend,vermoeiend

agobiar[v]

overweldigen,belasten

agonía[n]

doodsstrijd

agónico[adj]

stervend,dodelijk

agosto[n]

augustus

agotado[adj]

uitgeput,afgemat

agotador[adj]

uitputtend,vermoeiend

agotamiento[n]

uitputting,burn-out

agotar[v]

uitputten,uitputten

agraciado[adj][n]

gracious,elegant • winnaar,gelukkige winnaar

agradable[adj]

aangenaam

agradecer[v]

bedanken

agradecido[adj]

dankbaar

agradecimientos[n]

dankbetuigingen,erkenningen

agravar[v]

verergeren,verslechteren

agredido[n]

slachtoffer,aangevallene

agredir[v]

aanvallen,agresseren

agregar[v]

toevoegen,opnemen

agresión[n]

agressie,aanval

agresión sexual[n]

seksuele aanranding

agresividad[n]

agressiviteit

agresivo[adj]

agressief,strijdlustig

agresor[n][adj]

aanvaller • agressief

agreste[adj]

wild

agrícola[adj]

landbouwkundig

agricultor[n]

boer,landbouwer

agricultura[n]

landbouw,akkerbouw

agridulce[adj]

zuurzoet,bitterzoet

agrio[adj]

zuur,wrang

agropecuario[adj]

landbouw- en veeteelt,gerelateerd aan landbouw en veeteelt

agua[n]

water

agua con gas[n]

spa rood,bruiswater

agua corriente[n]

stromend water,kraanwater

agua de rosas[n]

rozenwater,gedistilleerd rozenwater

agua mineral[n]

mineraalwater

agua oxigenada[n]

waterstofperoxide,zuurstofwater

agua potable[n]

drinkwater

agua sin gas[n]

plat water,water zonder koolzuur

aguacate[n]

avocado,avocado

aguafuerte[n]

ets,etsgravure

aguamarina[n]

aquamarijn,edelsteen van bleek groen-blauwe kleur

aguamiel[n]

mede,gefermenteerde drank gemaakt van honing en water

aguas residuales[n]

afvalwater,rioolwater

agudizar[v]

verslechteren,verergeren

agudo[adj]

scherp,intens

aguijón[n]

angel,steekorgaan

águila[n]

arend

aguja[n]

naald,spuit

aguja de punto[n]

breinaald

LanGeek
Download de App