to intrude
Pronunciation
/ˌɪnˈtɹud/

Definitie en betekenis van "intrude"in het Engels

to intrude
01

binnendringen, zich bemoeien met

to go somewhere or get involved in something without invitation
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
intrude
3e persoon enkelvoud
intrudes
onvoltooid deelwoord
intruding
onvoltooid verleden tijd
intruded
voltooid deelwoord
intruded
02

binnendringen, onrechtmatig binnengaan

enter unlawfully on someone's property
03

binnendringen, zich bemoeien met

thrust oneself in as if by force
04

snuffelen, zich bemoeien met

search or inquire in a meddlesome way
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store